Onderwerpen

woensdag 25 januari 2017

Werkdruk verminderen? Pak je volgsysteem aan!


De wet- en regelgeving van 2014 (Wet Eindtoetsing PO en Toetsbesluit PO) biedt scholen naast de verplichting tot het hanteren van een leerling- en onderwijsvolgsysteem anderzijds heel veel ruimte voor een eigen invulling, die veel soberder kan zijn dan op dit moment vaak gebruikelijk is.



Bovendien hanteert de onderwijsinspectie met ingang van 1 februari 2016 voor de beoordeling van de tussenresultaten geen eigen normen meer. Daardoor valt er bij de scholen een grote druk weg, die leidde tot zeer ongewenste praktijken (zie: Het kwartje is gevallen ... ). De inspectie vroeg tot die datum namelijk naar de LVS-toetsresultaten van Technisch Lezen (TL) in groep 3 en groep 4, Rekenen en Wiskunde (RW) in groep 4 en groep 6 en Begrijpend Lezen (BL) in groep 6.
Dit betekent eveneens dat een oordeel over de tussenresultaten niet langer betrokken wordt bij het eindoordeel over de school. De school volgt de leerlingen dus (weer) 'voor eigen gebruik'. De inspectie blijft in het toezicht wel aandacht schenken aan hoe scholen de ontwikkeling van leerlingen volgen en de wijze waarop dit tot conclusies over het onderwijs leidt. 


De school mag echter zelf bepalen op welke wijze en 
met welke middelen zij dit doet!
(wanneer de school er voor kiest landelijk genormeerde, methodeonafhankelijke toetsen te gebruiken, dan moeten deze door de Cotan -nu de Expertgroep Toetsen PO- zijn beoordeeld met tenminste 'voldoende')


Onderstaande werkwijze acht ik meer dan voldoende:

Groep 1 en 2: observeren
In groep 1 en 2 is het toepassen van landelijk genormeerde toetsen onwenselijk vanwege de vele bezwaren die eraan kleven. We beperken ons daar dan ook tot het (gestructureerd) observeren en registreren van in hoofdzaak de functieontwikkeling.
Groep 3 t/m 8: bewaken

Bewaken van de voortgang in de leerstof
Omdat de methodgebonden toetsen en de observaties van de leerkracht er al voor zorgen dat de voortgang in de leerstof wordt bewaakt is in groep 3 t/m 8 in principe eens per jaar (in april) toetsen met landelijk genormeerde, methodeonafhankelijke toetsen voldoende.

Bewaken van het niveau
De landelijk genormeerde, methodeonafhankelijk toetsen zijn er namelijk 'slechts' voor om het niveau te bewaken: lopen we een beetje in de pas met onze manier van werken? 

Bewaken van het ontwikkelingsperspectief
Verder zijn de landelijk genormeerde, methodeonafhankelijke toetsen handig om voor de leerling het ontwikkelingsperspectief  te bewaken.

In principe eens per jaar toetsen met landelijk genormeerde, methodeonafhankelijke toetsen lijkt ten opzichte van de huidige praktijk wellicht weinig, maar op de cruciale momenten gebeurt het wèl twee keer per jaar (zie het afnameschema hieronder: alleen in de groepen 3, 6 en 7 wordt er maar eens per jaar getoetst). En nogmaals, het gaat hier om niveaubewaking (kwaliteitsbewaking t.o.v. de landelijke norm) en daarvoor is negen keer toetsen in de schoolloopbaan (inclusief de eindtoets) meer dan voldoende!          
Aanvulling in groep 4 en 5
In de groepen 4 en 5 wordt in november aanvullend het technisch lezen en hoofdrekenen getoetst, omdat die ontwikkeling daar een stuk sneller gaat.
Groep 8 in november
In groep 8 wordt het toetsen verplaatst naar november, vanwege het vroegtijdig kunnen opmaken van een schooladvies en vanwege de eindtoets die in april/mei wordt afgenomen.

(klik op de afbeeldingen voor een vergroting) 

Komt eruit wat erin zit (opbrengsten)? 
Om na te gaan of eruit gekomen is wat erin zit, kan in groep 6 en/of in groep 7 of 8 een klassikale intelligentietest worden afgenomen, waarmee tevens een (pré)advies VO kan worden geformuleerd.
Aanvulling in groep 6, 7 of 8
Aanvullend kan in groep 6, 7 of 8 nog een test worden afgenomen, die iets zegt over de leermotivatie, het doorzettingsvermogen en het zelfvertrouwen.
Voor het observeren van de funktieontwikkeling werd indertijd OPFO en LVS 1-2 ontwikkeld, maar er zijn onderhand vele -soms door de school zelf ontwikkelde- alternatieven voorhanden. 
Naast de materialen van het Cito, zijn voor de niveaubepaling de Schoolvaardigheidstoetsen zeer geschikt, vanwege hun sobere karakter (weinig en beknopte materialen) en verminderde taligheid (weinig en beknopte teksten). Bovendien lenen ze zich door hun constructie uitstekend voor het maken van trendanalyses en opbrengstmetingen (komt eruit wat erin zit?). 
Voor de eventuele klassikale intelligentiemeting zijn er de Tussentest (voor groep 6)* en de Drempeltest (voor groep 7 of 8)*. 
De LeerMotivatieTest* kan aanvullend worden afgenomen in groep 6, 7 of 8.
Alle genoemde landelijk genormeerde, methodeonafhankelijke toetsen zijn door de Cotan/Expertgroep toetsen PO goedgekeurd (een wettelijke vereiste) en dus door de inspectie toegelaten.

*) Het mag inmiddels bekend zijn dat ik een sterke voorkeur heb voor het óók afnemen van deze toetsen.