Onderwerpen

zondag 24 januari 2016

Leraren voorspellen beter op welke school een kind het redt dan de Cito


Voor achtstegroepers zijn het spannende tijden: de komende weken krijgen zij hun advies voor de middelbare school. Voorheen hing veel af van de beruchte Citotoets. Sinds vorig jaar geeft meester of juf de doorslag. Hoe betrouwbaar is dat oordeel van de docent?
MARIJKE DE VRIES
Tot 2014 telde de 'neutrale' eindtoets zwaar mee in het schooladvies. Te zwaar, vonden veel ouders en politici, de toets was verworden tot een soort toelatingsexamen voor het voortgezet onderwijs. Het oordeel moest weer liggen bij de docent, die het kind het beste kent.

Scoort een leerling hoger op de eindtoets in april, dan kan het advies worden aangepast. Maar lang niet alle leerkrachten zijn daartoe bereid, blijkt uit de cijfers. Vorig jaar bleven zij vaker bij hun eigen oordeel dan in de jaren daarvoor. Bijna een kwart van de leerlingen (37.000) scoorde hoger dan het schooladvies. Slechts 1 op de 6 mocht uiteindelijk naar een hoger niveau.

Momentopname
Staatssecretaris Dekker maakt zich daar vooralsnog geen zorgen over. "De eindtoets is een momentopname. Hij kan leiden tot een bijstelling van het schooladvies, maar soms zijn er heel goede redenen om dat niet te doen", zei hij in de Tweede Kamer.

Er zijn echter ook scholen die besloten hebben om een advies na een hoger resultaat bij de eindtoets nooit aan te passen. Dat is in strijd met de wet, benadrukte Dekker. Zo'n school kan de onderwijsinspectie op zijn dak krijgen. Dat geldt ook voor scholen die onderling afspreken dat zij geen combinatieadviezen als mavo/havo accepteren om onduidelijkheid en gedoe met het plaatsen van een leerling te vermijden.

Die dubbeladviezen zijn vorig jaar flink afgenomen. Dekker gaat scholen stimuleren dit soort adviezen te blijven geven om leerlingen meer kansen te geven.

Leerkrachten geven niet alleen lagere adviezen: bij 29 procent van de leerlingen zaten ze juist hoger.

Desondanks concludeerde de onderwijsinspectie eind 2014 dat het advies van de leerkracht over het algemeen betrouwbaarder is dan de Citoscore. Driekwart van de leerlingen zit na drie jaar voortgezet onderwijs op het schooltype dat de leerkracht adviseerde.

Lager advies
Toch blijven er twijfels bestaan in hoeverre de achtergrond van kinderen een rol speelt bij de adviezen van de leerkracht. De inspectie concludeerde in 2014 eveneens dat autochtone kinderen uit lagere sociaal-economische milieus vaker een lager schooladvies krijgen dan op basis van hun Citoscore verwacht mag worden. Dat gold overigens niet voor leerlingen met ouders die in het buitenland zijn geboren. Op het platteland krijgen leerlingen gemiddeld ook wat lagere adviezen dan in de steden.

Of dit verandert nu de leerkracht meer gewicht in de schaal legt, kan de inspectie niet zeggen. Ze vindt het nog te vroeg om de cijfers van vorig jaar te duiden.


'We kennen kinderen al jaren'
Kim Borg, leerkracht De Bonckert in Boxmeer, 22 leerlingen

"Meestal klopt het advies dat je als leerkracht geeft gewoon. Dat was vroeger zo - ik sta al achttien jaar voor de klas - en nu nog steeds. Mocht een Cito-uitslag hoger of lager uitvallen dan praten we met de ouders. Of ik meer druk voel? Ik ken de kinderen. Het hele jaar door voeren we ontwikkelingsgesprekken met hen. Wat kun je al goed, wat vind je nog lastig, wat wil je nog leren. Door deze gesprekken krijgen alle betrokkenen een goed beeld. Kind en ouders komen dus niet voor verassingen te staan.

Veel is er niet veranderd: wij voerden altijd al het adviesgesprek vóór de uitslag van de Citotoets.

Ik kijk naar het hele kind. Naar rekenen en taal, maar ook naar werkhouding, concentratie, zelfsturing, eventuele onzekerheden of angsten. Het karakter. Bij twijfel overleg ik met mijn collega's.

Natuurlijk zijn twaalfjarigen veranderlijk. Absoluut. Maar je doet het met wat je nu weet. Wij maken een inschatting en geven ook dubbeladviezen als dat bij een leerling past. We kennen de kinderen al acht jaar en hebben eigenlijk geen Citotoets nodig om een goed advies te geven.

'Gelijke kansen zijn hot item'
Griet Holtrop, leerkracht christelijke basisschool Groen van Prinsterer in Dokkum

"De leerkracht staat nu sterker ten opzichte van de middelbare school. Voorheen moest je praten als Brugman voor een leerling bij wie de Citotoets wat slechter uitviel dan het advies dat je had gegeven. Een groot voordeel is ook dat de druk op ouders en kinderen een stuk minder is.

We zijn een kleine school, dit jaar gaan tien leerlingen naar het voortgezet onderwijs. We kennen hen, je hebt die toetsen niet nodig om het advies te bepalen.

Wat kinderen denken dat bij hen past, is belangrijk. We gaan het eerst met hen in gesprek. Daarnaast weeg je de achtergrond van een kind mee. We hebben veel leerlingen met taalachterstand en laagopgeleide ouders. Gelijke kansen is een hot item, maar of ouders kunnen helpen en hun kind een doorzetter is, maakt uit voor succes in het vervolgonderwijs.

Jaarlijks hebben we één tot twee twijfelgevallen. Meestal gaat het om de keuze van het juiste vmbo-niveau; mavo of beroepsonderwijs. Met de vervolgscholen in de omgeving hebben we afgesproken een éénduidig advies te geven, dus geen vmbo-k/vmbo-t of vmbo-t/havo. Uiteindelijk is het aan de ouders om ons advies te volgen of niet. Dan moeten ze met de middelbare school in de slag."