Onderwerpen

dinsdag 31 maart 2015

Dertien Friese scholen gooien het roer om


Een bericht uit het Friesch Dagblad van vandaag

Minder nadruk op taal en rekenen, 
meer op plezier en brede ontwikkeling


Franeker | Basisscholen zijn zich te veel gaan richten op alleen het bijbrengen van kennis in kernvakken als taal en rekenen. Dat vindt de christelijke onderwijskoepel cbo Noardwest-Fryslân. 
De dertien basisscholen van de koepel willen af van dat ‘rendementsdenken’ en gaan zich meer richten op de brede ontwikkeling en het plezier van de leerlingen op school. 

,,Citotoetsen zijn voor de inspectie maatgevend en daardoor zijn heel veel scholen de laatste jaren berekenend gaan lesgeven”, zegt Pyt Sybesma, bestuurder van de christelijke scholenkoepel. Hij en zijn medebestuurder Willem Reitsma merken dat onderwijzers van hun dertien scholen de laatste jaren steeds minder ruimte voelen om hun onderwijs zo in te richten als ze zelf willen. 

,,Leraren voelen zich gedwongen om te kijken naar wat ze moesten doen om de kinderen goed te laten presteren op kernvakken. Terwijl een deel van de leerlingen de motivatie juist daaruit niet haalt en dus minder gemotiveerd raakt.” 

Steeds minder vaak kwam iemand met een bijzonder project of ging een onderwijzer er een middag met de kinderen opuit. ,,Bij scholen leeft de angst dat ze door de mand vallen bij het Cito als ze iets op een andere manier aanpakken. De leraren en kinderen worden als het ware in een koker gestopt waar ze maar moeilijk uit kunnen komen.” 

Hoofd, hart en handen 
Sybesma en Reitsma benadrukken dat ze geen slecht beeld willen neerzetten van hun scholen: het onderwijs is volgens de inspectie van prima kwaliteit. Maar juist de focus op het inspectieoordeel gaat vaak ten koste van het belangrijkste doel van het onderwijs: de brede ontwikkeling van de kinderen in ,,hoofd, hart en handen”. 

Juist vanuit de christelijke visie op onderwijs is het volgens de bestuurders van belang om alle leerlingen erbij te betrekken en ervoor te zorgen dat iedereen het naar de zin heeft op school. 

Als voorbeeld noemt Sybesma het onderwerp aaisykjen. ,,Dat is niet iets waarover je uit een boekje leert: daarvoor moet je als schoolklas eigenlijk ook een middag het veld in en kijken wat er gebeurt in de natuur. Maar die tijd durven scholen bijna niet meer te nemen omdat dat ten koste zou gaan van de tijd die ze kunnen besteden aan taal en rekenen. Terwijl zo’n middag gouden momenten oplevert waaruit je als docent nog lang kunt putten. Het is natuurlijk niet zo dat scholen nooit zulke dingen doen, maar het gebeurt te weinig. De balans is zoek.”

Kinderen die in groep 3 en 4 heel levendig en vrolijk waren, werden steeds stiller. Lees meer ...